Pauline Wiertz (NL)
statement
Liefde voor Plakken en Knippen door Etty Walda
Al heel jong was Pauline bezig met drukwerk op het reclamebureau van haar vader. Uitgebreide collages maakte ze door plaatjes uit te knippen en opnieuw te rangschikken. Later op de middelbare school ging haar voorkeur uit naar keramiek en textiel, maar het stoere, fysieke werk van keramiek gaf toch de doorslag.
Op de Gerrit Rietveld Academie werd ze opgeleid in de traditie van het Bauhaus en werkte ze aanvankelijk met platen klei en abstracte vormen. De dogmatische afwijzing van het decoratieve prikkelde haar zich te verdiepen in bestaande motieven. Ook nu nog merkt ze bij haar cursisten dat de keramiek een dogmatische discipline is: Heel vaak hoort ze: “Maar dat mag toch niet” of “Dat kan toch niet”. Pauline meent: “Alles mag, zolang je geen luchtbellen of stukjes gips hebt in de klei.”
Salvador Dali
Toen het Princessehof in Leeuwarden, hét toonaangevende museum voor keramiek in Nederland de tentoonstelling Lekker Decadent in de zomer van 2004 samenstelde, vond het werk van Pauline Wiertz een plaats onder het kopje ‘macaber’. Een afbeelding van haar kippenpoten, die zo goed binnen het thema bleken te passen, kwam op het affiche van de tentoonstelling. Het geeft een hele impuls aan haar carrière, doordat haar werk op dat moment in een context wordt geplaatst. Met de voor velen afschrikwekkende kopjes, die nauwelijks kunnen staan, verkent zij de grenzen van vorm en functie. Vorm volgt functie is hier niet het ontwerpcriterium. Poten van kippen, krabben en kreeften zijn in de klei gegoten en al gaat het om poten, de kopjes kunnen nauwelijks staan. De afgietsels zijn geglazuurd en voorzien van vervreemdende prints. Haar fascinatie voor organische vormen is vertaald in een eigenzinnig ontwerp, dat kleur geeft aan het dagelijks leven. Technische verfijning en overdaad kenmerken de oogstrelende objecten.
Natuurlijk vindt ze het ook decadent om voedsel te gebruiken voor kunst , maar zelf zou Pauline zich eerder een surrealist noemen. Ooit maakte ze voor een tentoonstelling in China piespotten, die daar nog altijd worden gebruikt. Een grote porseleinen theepot, gedecoreerd met bloemen en vlinders, maar met een grotere tuit. Voor een televisieprogramma werd zo’n pot aangekocht om te verloten onder de kijkers. De vraag die bij haar werk was gezocht luidde: Welke kunstenaar maakte de telefoon met een kreeft als hoorn? Bijna niemand wist het antwoord, maar het was voor Pauline hétmoment, waarop ze zich realiseerde dat ze onderbewust of onbewust bij die stroming thuishoorde. Zij voelt zich verwant met de ruimtelijke voorwerpen, die Salvador Dali maakte, zoals de broodjes op de gevel en de eieren op het dak van het aan hem gewijde museum in Spanje. Zijn sieraden met robijnen, de kloppende harten, de mond met parels, wekken haar bewondering en hebzucht op.
Organische vormen
Halverwege de jaren negentig begon Pauline met het afgieten van vormen uit de natuur. Groente, fruit, vis en gevogelte: getroffen door de rijkdom aan variatie, kleur en textuur gunt zij ze een plek in haar keramische stillevens.
In wezen maakt Pauline combinaties met bouwstenen, waardoor een nieuw beeld ontstaat. Het is geen kwestie van vormpjes stapelen, maar er ligt discipline en een verhaal aan ten grondslag.
“Ik zou nooit kunnen schilderen”, zegt Pauline “wel collages maken. Er moet sprake zijn van een proces, een voor mij spannend proces. Je maakt een mal, die uit verschillende onderdelen bestaat en daarmee ben je aan het puzzelen, verzamelen en aan elkaar plakken. Je moet hem als het ware ontleden. Daarmee verleg je steeds weer je grenzen, maar ik kom er altijd uit. Het is belangrijk binnenstebuiten te denken. Je ziet dan ook hoe prachtig zo’n krab is, hoe de poten tegen het lijf aanzitten en hoe mooi het geheel in elkaar past.”
Er ontstaan relaties die in de natuur niet voorkomen, zoals een koraal van kippenpootjes met een stuk laoswortel.
Sieraden
Kralen maakte Pauline aanvankelijk voor eigen gebruik. Tot ze Galerie Louise Smit binnenstapte met haar zelfgemaakte collier. Wilde ze misschien een expositie met sieraden maken? “Gaandeweg is het steeds serieuzer geworden. Vanuit een ander vak heb je meer vrijheid. Je hoeft niet weer een nieuwe oplossing voor oorbellen te bedenken. Ik wil gewoon iets bijzonders maken en ook iets wat draagbaar is. Het moet een stuk zijn, echt een ding, niet een snoertje met 1 kraal.” Zij giet pinda’s, pitten van vruchten en noten af en tovert ze om tot kralen voor colliers. Rococomotieven zijn ontleend aan de ‘Toiles de Jouy’ stoffen uit Frankrijk. In dit land, waar Pauline een tweede huis bezit in de omgeving van Limoges, vond ze ook een 19de eeuwse Larousse-encyclopedie met charmante lijntekeningen. Een vlinder, een schelp, een bloem, een pauwenveer, deze beelden leven voort op de kralen. Een van de mooiste die ze bedacht heeft, is aangekocht door het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen, en getoond in het Musée des Arts Decoratifs in Parijs: “Je rijgt een snoertje pinda’s voor de vogels en ineens is het er …” Ook oorbellen en ringen moeten draagbaar zijn, dus zorgt ze ervoor dat er geen uitsteeksels of scherpe randjes aanzitten.
Samenwerking met galeries
Voor Pauline Wiertz is samenwerking met de galerie belangrijk. Gesprekken met tentoonstellingmakers leveren nieuwe gezichtspunten en ideeën op, wat dan weer leidt tot nieuwe ontwikkelingen. Zo nodigde Frederieke Taylor van de gelijknamige galerie in New York haar uit ook fors werk te maken voor de Kunstbeurs Art Amsterdam, wat haar inspireerde tot het verwerken van meerdere kippen in een groot huzarenstuk. Kleine nootjes lichten daarin op als de wit toetsen van een schilderij. Pauline vindt het belangrijk om over de presentatie na te denken. Op Art Amsterdam heeft ze een wand behangen met verschillend gekleurde en gedecoreerde glanzende krabben, sommige bedekt met goudtransfers. Ook op de tentoonstelling in Galerie Terra Delft richt ze een dergelijke wand in, maar dan nog overdadiger. Het is een verwijzing naar de historie en achtergrond van de keramiek: In haar atelier b.v. heeft ze een wand met plankjes, zoals die in de 17de eeuw te vinden waren in de grachtenhuizen, de zgn. pronkwanden, waar de bewoners konden genieten van hun verzameling porselein.
Galerie Terra Delft nam o.a. haar theepotjes mee naar de Kunstbeurs Collect in Londen. Potjes waarvan de buik een afgietsel is van nu eens een citrusvrucht, dan weer een grote aardbei en waarvan ook de poten een organische vorm hebben. De tuitjes staan eigenwijs omhoog en hebben een subtiel erotische uitstraling. “Als het potje geslaagd is, is het een soort persoontje geworden, een mannetje, een baasje”, stelt Pauline. Evenzo is voor haar het afgegoten varkenspootje een elegant dametje geworden, maar tegelijkertijd is het een hommage aan het oorspronkelijke beest. Je hebt ze vastgelegd voor eeuwig. Je doet eigenlijk iets raars, maar als het klaar is, dan is het ook af. Dan heb je het afgerond”.
Toevoeging anorganische elementen
Na een aantal jaren alleen organische elementen gebruikt te hebben, leidde een project in het kader van Open Ateliers ertoe, dat Pauline ook andere elementen opnam in haar werk. Haar atelier en woning, gevestigd in het voormalige Wilhelmina Gasthuis te Amsterdam, een werkplek voor veel kunstenaars, heeft als buurman een groot politiebureau. Een cellenblok werd aan de kunstenaars ter beschikking gesteld. Pauline koos ervoor een wand in te richten in de wasruimte, waar arrestanten zich kunnen douchen en de peperspray uit hun ogen kunnen spoelen. Wat zij in hun bezit hebben, wordt ze afgenomen. De wapens en portemonnees goot Pauline af en decoreerde ze. De pistolen vooral roepen heel veel reacties op, wat ook haar weer verder aanspoort in haar ontwikkeling. De portemonnees werden bekleed met het afgietsel van een tas van krokodillenleer. Later ontwikkelde zich dit tot het maken van grotere handtassen.
Wapens in combinatie met organische afgietsels vormen weer een ander verhaal: De hopeloze romantische liefde tussen twee cowboys sprak haar heel erg aan, wat leidde tot het werk Brokeback Mountain. Het stuk Teatime with the Krays, over de misdadige tweeling uit het Londen van de jaren ‘50 en ‘60, toont twee pistolen, een theepot, maar ook de organische maïskolf, die een handgranaat lijkt. Evenals Brokeback Mountain heeft ook dit stuk een console, nu voor twee gebloemde theekopjes, die verwijzen naar een foto van de gebroeders, op de thee bij hun moeder in een kamer met bloemetjesbehang. “Misdaad fascineert, maar is vaak ook zo clichématig: Gangsters die elkaar in een restaurant beschieten.”
Voetstuk
De console is voor Pauline een uiting van haar liefde voor keramiek in het algemeen: Keramiek verdient een plaats op een voetstuk. Een voetstuk dat ze ook gebruikt bij haar ‘onderwaterstillevens’, waarbij het tegelijkertijd een samenbindende functie heeft. Daarnaast houdt het verband met de Chinese traditie een stuk rots, een deel van de natuur, in huis op een voet te plaatsen die precies de vorm van die steen heeft. Bij Pauline is ook die basis van keramiek en de huid krijgt een structuur van boomschors of van knäckebröd. Door verwijzingen en suggestie wordt een idee of thema uitgewerkt in een werk, maar soms plakt ze ‘ook zomaar een stuk in de rondte’. Beide werkwijzen vullen elkaar goed aan.
Het voetstuk leidde tot een nieuw project: een krukje voor de tuin bij het huis in Frankrijk. De huid is een afgietsel van het krokodillenleer van een tas, de zitting is bekleed met ananasreliëf . Er moet een glanzend glazuur over om weerbestendig te zijn. Pauline is Emmy van Deventer, haar lerares op de Academie, dankbaar voor wat zij haar leerde over glazuren. Toen was het hard werken en veel theorie, nu heeft ze van al die kennis zoveel profijt!
De objecten die Pauline maakt, vol van bezieling en beweging, ontwikkelen zich met haar interesse voor de wereld. In haar allernieuwste werk tikt ze delen van het stuk af en plakt daaraan een nieuw onderdeel, zoals je de mouwen van een bloesje knipt om daar iets anders aan te zetten. Knippen en plakken is het Leidmotief van haar werk. Werk dat evolueert in de stroom van het leven en is als een loflied daarop.
bio
Geboren:
- Amsterdam,The Netherlands
Education
1972-1977
Gerrit Rietveld Academie Ceramic Design,Amsterdam,NL
Exhibitions (selection)
2006 Frederieke TaylorGallery”Wunderkammer”,
New York,US(solo)
COLLECT Artfair,Terra Keramiek,Victoria & Albert Museum, London,UK
Galerie Terra Delft, Delft, NL(solo)
Galleri ROSTRUM,Malmö,SW(solo)
2005 Galerie Louise Smit,Amsterdam,NL(solo)
2004 ArtKitchen Gallery “It’s vepertime again”,Amsterdam,NL
Museum Princessehof “Lekker Decadent”,Leeuwarden,NL
2003 ArtKitchen Gallery “Le Trou”,Amsterdam,NL
The Pottery Workshop “To dream the impossible”,
Hong Kong,C
2002 The Crafts Council “Homemade Holland”,London,UK
Galerie Terra Delft “Biomorphique”,Delft,NL(solo)
KunstRAI,ArtKitchen Gallery,Amsterdam,NL
2001 Gemeentemuseum “Delfts onder de loep”,The Hague,NL
Musée de Carouge “Chandeliers”,Carouge,CH
2000 Galerie Louise Smit,Amsterdam,NL(solo)
1999 De Nederlandsche Bank “Nature Morte”,
Amsterdam,NL(solo)
Publications
2005 Anne Berk “Bewijs van liefde”,Galerie Louise Smit,
Amsterdam,NL(monography)
2003 Ank Trumpie “Lekker Decadent”,Museum Princessehof,
Leeuwarden,NL(cat)
Christian Wisse “Tegels”,Cultureel Centrum Corrosia,
Almere,NL(cat)
Marian Unger “Visual Delights”,Van Spijk Publishers,
Venlo,NL(monography)
2002 “Homemade Holland”,Crafts Council,London,UK(cat)
Louise Schouwenberg “Delfts onder de loep”,
Gemeentemuseum,The Hague,NL(cat)
2001 “Chandeliers”,Prix de la ville de Carouge,Carouge,CH(cat)
Public Collections
Museum Boijmans van Beuningen,Rotterdam,NL
Frans Hals Museum,Haarlem,NL
Inax Corporation,Tokoname,JP
Kobe City Museum,Kobe,JP
Ministry of Foreign Affairs,The Hague,NL
Ministry of the Interior and Kingdom Relations,The Hague,NL
Museum Princesehof,Leeuwarden,NL
De Nederlandsche Bank,Amsterdam,NL
Musée de Caeouge,Carouge,CH
Awards
2001 Prix de la ville de Carouge,Carouge,CH
1990 Inax Design Prize,Tokoname,JP
Commissions
2006 Installation main entrance VU academic hospital,
Amsterdam,NL
2005 Design for a collection of table ware,Hui Yang City,C
2003 “Microben”,monumental art WG plein,council Oud-West,
Amsterdam,NL
1999 “Food and Farming”,Conisborough,Sheffield,UK
Teaching/Lectures
2004/
2005 Academie voor Beeldende Vorming,Tilburg,NL
2003 Studio Chihumé,Curaçao
2002 Sandberg Instituut,Amsterdam,NL
Design Academy,Eindhoven,NL
2000 Gerrit Rietveld Academie,Amsterdam,NL

